Oude erven op Belten

Overstromingen op het Kampereiland

Regelmatig waren de IJssel en de Zuiderzee het Kampereiland de baas en overstroomde het gebied. Eén keer in de drie á vier jaar vond er een hevige noordwesterstorm plaats, waarbij zelfs de boerderijen die op belten stonden niet ongeschonden bleven. Omdat de bewoners zich altijd goed voorbereidden op de storm, zijn er in al die jaren nauwelijks slachtoffers gevallen. Wel was de materiële schade altijd groot. Om die schade te beperken werden de dijken op het Kampereiland in de negentiende eeuw verhoogd. In 1932 minimaliseerde de kans op grote overstromingen door de aanleg van de Afsluitdijk. Desondanks is het Kampereiland altijd een kwetsbaar gebied gebleven. Ter vergelijking: langs de grote rivieren is de kans op een overstroming 1 op 2000, op het Kampereiland 1 op 500.

Wonen op het Kampereiland

Erf 53, ‘De Welle’, aan de Nesweg 8 is waarschijnlijk een van de eerste erven op het Kampereiland die werd bewoond. Uit het oudste pachtboek van Kampen blijkt dat dit in 1432 geweest moet zijn. Omdat de stad Kampen sinds 1363 altijd eigenaar is geweest van de gronden, worden de erven tot op heden verpacht. Vroeger werd hiervoor elke tien jaar een openbare verpachting gehouden, vaak in de Kamper Bovenkerk.

Eind negentiende eeuw schafte men deze openbare verpachtingen af. Er kwam een pachtprijs die voor elk erf middels een taxatie werd vastgesteld. In die tijd verkleinde het stadsbestuur bovendien 83 erven, waardoor er ruimte kwam voor 17 nieuwe. Het stadsbestuur wilde de boeren zo tot intensivering dwingen.

Échte intensivering vond plaats na de ruilverkaveling in de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw. De stadsboeren verhuisden in die periode naar het Kampereiland en de erven werden verder verkleind. Hiermee kwam het totaal aantal erven op zo’n 173. Door deze stapsgewijze ontwikkeling van het Kampereiland zijn er verspreid door het landschap boerderijen uit verschillende periodes te bewonderen. Tegenwoordig zijn dit er nog zo’n 120.

Terpboerderijen van 1930-1940 (Erf 52, Stikkenpolderweg 2)

Deze boerderijen liggen op terpen verspreid in het landschap. Ze vallen op met hun roodbruine bakstenen en met rode dakpannen gedekte kap. Zowel de voor- als achterzijde hebben een wolfeind en op de nok prijkt een schoorsteen. De voorgevel van de boerderij is symmetrisch ingedeeld met twee grote vensters en een portiek met voordeur in het midden. Onder het wolfeind zijn meerdere kleine vensters aangebracht. De achtergevel wordt gesierd door een dubbele inrijdeur, staldeuren en meerdere vensters, de zijgevels zijn voorzien van kleine, rechthoekige stalramen. Aan het hoofdgebouw is een kleine veestal verbonden en op het achtererf bevinden zich naast een wagenschuur meerdere kapbergen voor het hooi.


Erfnummers

Een bijzonder kenmerk van de boerderijen op het Kampereiland zijn de gevelstenen met
erfnummers. Deze nummers duidden vroegen de plaatsen aan, omdat er geen straatnamen en huisnummers waren. Vandaag de dag laten de erfnummers voor een groot deel zien welke erven er het eerst waren en welke in een latere periode zijn gebouwd. Dit gaat echter niet altijd op. Zo werd Erf 9 in 1850 gebouwd, maar erf 49 in 1432. Wel is het zo dat erven met een nummer boven de honderd allemaal dateren van na 1930.



Terug naar overzicht
 
 
Logo IJsseldelta